startpagina | rubriekoverzicht > grammatica > naamvallen

 

De functies van de vocatief

 

 

 

Aanspreking

 

=

de naam van de aangesproken persoon (of verpersoonlijkte zaak)

 

bv.

Tu quoque, fili mi? = Jij ook, mijn zoon?

 

Puer, cur magistro non respondes? = Jongen, waarom antwoord je de leraar niet?