|
startpagina | rubriekoverzicht
> grammatica > onafhankelijke zin |
De
vragende zin
|
Directe
vraag |
|
– |
is een
vraag die rechtstreeks tot iemand is gericht |
|
– |
kan eveneens
realis, potentialis of irrealis bevatten (zie mededelende zin) |
|
– |
wordt
ingeleid door: - een
vragend voornaamwoord: bv. qualis,
quantus, quis ... - een
vragend bijwoord: bv. quando,
quare, quo, quomodo, ubi, unde ... - een
vragend partikel: -ne, nonne of num |
|
bv. |
Quis est primus Romae rex? = Wie is de eerste
koning van Rome? Quare istud fecistis? = Waarom hebben jullie
dat gedaan? Estisne
vos legati Caesaris? = Zijn jullie gezanten van Caesar? Canis
nonne similis est lupo? = Gelijkt een hond niet op een wolf? Num vir bonus mentitur? = Een goede man liegt toch
niet? |
|
Overleggende
vraag |
|
– |
is een
vraag die gericht is tot de persoon die ze stelt, m.a.w. iemand overlegt bij
zichzelf wat hij moet doen |
|
– |
wijs: conjunctief |
|
– |
tijd:
presens (heden) of imperfectum (verleden) |
|
– |
staat
meestal in de eerste persoon |
|
– |
vertaling:
'zou(den)' of 'moeten' + infinitief |
|
bv. |
(heden)
Quid faciam? = Wat zou/moet
ik doen? (verleden)
Quid faceremus? = Wat
moesten we doen? |